Hélène Min

Het werk van Hélène Min wordt bepaald door een facinatie voor vissen en de zee, bron voor al het leven.

In de vorm van, vaak bijna zwevende installaties wil zij het weten van vissen verbeelden. Vissen zijn immers graadmeters bij uitstek als het gaat om de stand van de aarde op het gebied van milieu. Zij zien alles, maar kunnen hetgeen zij zien niet verwoorden.

Eén van de meest in het oog springende aspecten van het huidige werk van beeldhouwster Hélène Min ligt verankerd in haar materiaal: vissenhuid.

Nadat Hélène Min haar opleiding in Gent afsloot en weer terug naar Nederland kwam, vond ze haar atelier in de haven van IJmuiden, vlak bij de visafslag. Op haar dagelijkse wandelingen maakte ze kennis met de fileerders die de vers gevangen vis voor restaurants en traiteurs ontdeden van hun huid.

De eerste keer dat ze met dit 'visafval' werkte maakte ze er vogelkoppen van, het werden de decorstukken voor een toneelstuk n.a.v. 'De Vogels' van Aristophanes. Nu hoeft ze maar te bellen, haar ongebruikelijke bestelling in IJmuiden te doen en ze kan de velletjes zo komen halen. De vissers kennen haar bij naam. "Ik werk graag met tongmaat 7", zegt ze.

In haar huidige atelier op de NDSM werf staat een ijskast met vissenhuiden van de tong, de rog en de koolvis in allerlei hoedanigheden: diepgevroren, in bakken, onder water of nog een keer extra schoon geschrobd. De ruggen van de vissen zijn donker, de buiken wit. De vis blijft, als ze eenmaal is ontdooid, slechts drie dagen te bewerken.

Aan de muren en op tafels liggen en hangen de halftransparante resultaten van haar onderzoek. Soms blaast ze de vellen op of trekt ze over piepschuim heen. De werking van het licht versterkt het wonderlijke schouwspel en de minuscule structuren van de objecten zijn adembenemend.

"Dat delicate glinsterende oppervlak maakte direct contact met die enorme zeeën, snap je, er zat niets tussen", legt ze uit. Ïk zocht iets om mee te werken dat bijna zonder aanwezigheid is".

De objecten die ze van tevoren bedenkt moeten in één keer vervaardigd worden. In langdurige sessies werkt ze de huiden met hun getande randjes aan elkaar. Lijm heeft ze daarbij niet nodig. Omdat het vel voornamelijk uit eiwitten bestaat kleven ze vanzelf aan elkaar vast. Eenmaal opgedroogd kiest het materiaal verder haar eigen vormen: het krimpt en golft al naar gelang ze de richting en de spanning van dat wat nu 'vissenleer' geworden is, heeft bepaald.

"Bij het maken van een object werk ik soms wel 24 uur achter elkaar. Ook daar komt niets tussen. Het zijn juist deze tranceachtige bezigheden waarbij ik mijn wil moet uitschakelen en mijn materiaal aleen maar aan moet sturen, waar ik zo van houd."

Printversie van deze pagina

Hélène Min - Bergen 1948.
Opleiding: Koninklijke Academie te Gent van 1980-1983

2009
- Gemeentehuis Oegstgeest - Apelles
2008
- NSDM Amsterdam-Noord", HotDocks
- uitmarkt; presentatie Mobiel Atelier
- KCB Bergen "Oogwerk, 50 jaar Stichting A.Roland Holst Fonds
2007
- NDSM, A'dam-Noord opening Kunststad
- Muziekgebouw aan het IJ, "Reddingsvesten"
- Shell gebouw A'dam, "Een kleine mooie revolutie"
2006
- Oude Kerk Amsterdam, groepsexpositie NDSM-werf
- WTC Amsterdam Beelden in de centrale hal
- Museum Kranenburgh Bergen, groepsexpositie
2005
- NDSM A'dam-Noord, "NORTH", project 'reddingsvesten'
- Gemeentehuis Urk, "Reddingsvesten voor de dieren"
2004
- ’t Fiskerhúske Moddergat, “Verpakt in Vis “
- NDSM A'dam-Noord, "Helling X", Expositie met Jeanne Rombouts en Lydia Oerlemans
- Museum Kranenburgh Bergen, "Beelden in Bergen"
2003
- Kasteel van Rhoon, "Vissculpturen"
2002
- Kunsthandel Hein Klaver A'dam samen met Lennaart Allan en Marianne Kalsbeek
- Grafisch Atelier Alkmaar, "Alcyone"
2001
- Bouw-Expo Almere, "Gewild Wonen"
1999
- Installatie kaaspakhuis Edam, Installatie broedende zeemeermin
- Heemskerk, Het Oude Slot, groepsexpositie

Werk in collecties van o.a.
- Bouwfonds Kunstcollectie, Hoevelaken
- Gemeente Bergen NH
- Staatsbosbeheer